Trots: kijken naar stappen die gezet worden

volgende stap

Ik zit op zolder te werken. Manlief is de kinderen van school halen. Ik hoor een sleutel in de poort en kijk door het raam de tuin in. En ik geloof mijn ogen bijna niet.

Ik zie oudste zoon de poort binnenkomen. Hij loopt met zijn fiets aan de hand naar de schuur. Hij zet zijn fiets neer en ik verwacht mijn middelste zoon ook door de poort te zien komen. Maar nee. Oudste zoon loopt terug naar de poort en doet hem weer dicht. Hij loopt naar de achterdeur en ik hoor hem met de sleutel de deur open doen.

En ik, ik geloof bijna niet wat ik zie. Ik ben blij. Zo ontzettend blij. En trots. Wat wordt hij groot, hoor ik mezelf denken. Ik sta te glunderen voor het raam. Niemand die het zal snappen, maar er gebeurt hier iets bijzonders. Waarom? Een tienjarige jongen die thuiskomt, hoe bijzonder kan het zijn? En toch is het dat.

Oudste zoon vindt het lastig om dingen alleen te doen, zonder ons. Hij is nu 10 jaar en ergens gaat dat toch wel wringen. Als je 10 bent, wordt er toch meer van je verwacht dan wanneer je 4 bent. Als je als kleuter achter mama’s rokken verdwijnt, kijkt niemand vreemd op. Als je dat als 10-jarige het liefst ook nog doet in nieuwe situaties, dan kijken mensen wel vreemd op.

Waarschijnlijk hebben zijn start op deze wereld en gewoon, hoe hij in elkaar zit, er toe geleid dat hij lang `klein´ blijft. En ergens heeft zijn start in deze wereld en onze gevoelens daarover er misschien ook wel toe geleid dat wij als ouders hem toch lang ´klein´ hebben gehouden. Wat op zich niet heel onlogisch is. Met twee jongere broertjes kan hij ook heel makkelijk meeliften. We gaan tóch nog mee naar school, we schenken tóch drinken in, we zorgen tóch dat iedereen op tijd klaar staat.

Het is altijd zoeken geweest bij hem. In hoeverre pushen we hem om toch iets meer te doen dan hij durft en in hoeverre gunnen we hem zijn veilige schulp om in terug te trekken? In hoeverre dwingen we iets af en in hoeverre laten we hem maar? Wij als ouders vinden het soms ook lastig om daarin de juiste weg te zoeken. We willen hem niet pushen, we willen hem zijn eigen tempo gunnen, maar zien ook dat hij soms wat lichte ‘dwang’ nodig heeft.

Zijn broertje van 7 wilde vorig jaar al alleen naar school fietsen. Hij bewees dat hij dat kon en sindsdien mag hij het ook. Die geniet juist van de autonomie en vrijheid die hij krijgt. Wat dan soms weer voor andere dilemma’s zorgt, maar goed. Sinds de zomer hebben ze allebei hun eigen sleutel, zodat ze ook eerder naar huis kunnen als mama weer staat te ouwehoeren op het schoolplein. Of als er eindeloze speeldates gepland moeten worden.

In de hoop hem te faciliteren (zo van: je hebt een eigen sleutel), hem te stimuleren (zien dat je broertje van 2½ jaar jonger het wel al doet zorgt er misschien voor dat je toch sneller over die drempel gaat) en er verder niet tè veel aandacht aan te besteden, hoopten we dat hij zich veilig genoeg zou voelen. Dat hij zonder gepusht te worden toch die stap zou gaan zetten. Want laten we wel wezen: over twee jaar gaat hij naar de middelbare school en dan moet die navelstreng toch echt wel doorgeknipt zijn. Dan moet hij toch het zelfvertrouwen hebben dat hij het zelf kàn, dat er echt niet zomaar iets gebeurt onderweg en dat àls er iets gebeurt hij dat heus zelf kan oplossen. Dat de wereld dan niet vergaat. Dat er altijd oplossingen zijn.

En zo gebeurde het sinds het begin van dit schooljaar dat beide broers soms samen naar huis fietsten. Zijn broer reed ook net zo makkelijk alleen naar huis als hij vond dat het allemaal niet snel genoeg ging, maar dat deed oudste zoon nog niet. Als zijn broer er niet bij was omdat die ergens ging spelen bijvoorbeeld, dan wachtte hij op mij. Ook al duurde het soms lang.

En nu, nu zie ik hem gewoon alleen thuiskomen. Helemaal alleen, zonder papa, zonder zijn broertjes. Ik stommel naar beneden en begroet hem enthousiast. Ik zeg wat ik zag: dat hij alleen binnenkwam. En dat ik verrast was. Het blijkt dat hij deze middag gemotiveerd was. Hij had een goede reden om snel naar huis te gaan. Want hij wilde snel op de tablet. En papa moest naar huis lopen omdat broederlief met een vriendinnetje ging spelen dat niet op de fiets was. Intrinsieke motivatie werkt: de keuze alleen naar huis en snel op de tablet of mee met papa maar dan later op de tablet, zorgde voor voldoende motivatie om de stap te wagen.

“En ik wist dat jij thuis was,” zegt hij.
“Was dat belangrijk dan?” vraag ik
Ja, dat is belangrijk geeft hij aan. Want hij wil niet in een leeg huis komen. Zelfs niet als papa dan al 10 minuten later komt. Maar nu wil hij op de tablet, want ja, daarom was hij snel naar huis gekomen.

Ik lach in mezelf en kijk trots naar dat donkerblonde koppie. Natuurlijk kunnen we bedenken dat hij méér zou moeten durven of kunnen we in discussie waarom hij niet 10 minuten alleen durft te blijven. Maar ik zie vooral de stappen die hij in de afgelopen jaren heeft laten zien. Van helemaal niet alleen thuis blijven als ik een boodschap ging doen tot samen met z’n broertjes wel gewoon thuisblijven als ik snel even naar de winkel liep. Van helemaal niet thuis durven blijven zonder papa of mama, naar met z’n broer alleen thuisblijven, naar zelfs helemaal alleen thuisblijven als ik even snel zijn broertje ga ophalen bij een vriendinnetje. Van niet zonder papa of mama naar huis fietsen, naar samen met zijn broer alleen naar huis fietsen, naar alleen naar huis fietsen als er iemand thuis is. Die stap om alleen naar huis te fietsen terwijl er niemand thuis is, die volgt ook wel. Daar heb ik alle vertrouwen in.

Hij doet het in zijn eigen tempo. Stap voor stap. Soms moeten we een beetje pushen, soms is een pas op de plaats het beste om te doen. Maar ik ben trots op wie hij is en waar hij staat. En misschien ook wel een beetje trots op onszelf. Dat wij hem zijn eigen tempo laten volgen, dat we naar hèm kijken en niet naar wat de buitenwereld verwacht en dat hij daarom nu is waar hij is. En daar waar hij is, is precies goed.

Onderstaande blog schreef ik voor de Sinus, het kwartaalblad van de Patiëntenvereniging Aangeboren Hartaandoeningen en verscheen in december 2019. Het thema van deze Sinus was “trots”. 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.