Transitie: de overstap van basisschool naar de middelbare school

92847742_1065623380485974_2953821070144045056_o

Onderstaande blog schreef ik voor de Sinus, het kwartaalblad van de PAH (Patiëntenvereniging Aangeboren Hartafwijkingen). Het thema van de Sinus was ‘Transitie’. En laat dat nou een thema zijn dat aardig actueel was toen ik het schreef in februari….

Februari 2020. Volgende week is het alweer 11 jaar geleden dat de DE 20 weken echo hadden. Die dag dat we dachten: zal hij blijven leven, zal hij gewoon naar school kunnen, zal hij kunnen sporten? En kijk ons nu….

Morgen gaan we voor de derde keer in een paar weken een open dag van de middelbare school bezoeken. Nog anderhalf jaar. Dan ga je je volgende stap zetten.

Als de dag van gisteren weet ik nog dat je naar de basisschool ging. Het hele eerste jaar met aapje, je favoriete knuffel, in je tas. Voor de veiligheid. De lijntjes met school waren kort. De juf vond het toch wel spannend, een kind met een dergelijke hartaandoening. Het duurde even voordat ze je zagen als een “gewone” kleuter en niet als een hartaandoening op pootjes. Ik herinner me een keer dat je gevallen was met gym en ik op de fiets mijn telefoon niet hoorde. De juf was een beetje bezorgd geweest en had het voor de zekerheid willen vertellen.

Nu zijn we jaren later en is school zo vertrouwd geworden. Iedereen kent je. De kinderen kennen je nukken en grillen. Ze weten dat ze je soms even met rust moeten laten. Ze accepteren je volledig zoals je bent. De leerkrachten kennen je en weten hoe ze met je moeten omgaan. Dat ook zij je soms maar even moeten laten. Dat je soms het antwoord wel weet, maar het niet durft te zeggen. Dat je praten in de klas eng vindt. Maar ze zien ook de stappen die je hebt gezet de afgelopen jaren en de groei die je nog steeds doormaakt. De lijntjes met ons zijn kort, maar vaak niet eens nodig. Het is kleinschalig en vertrouwd.

Ik herinner me mijn eigen middelbare schooltijd. Ik vond het fantastisch. Ondanks heftige emotionele puberbuien en rondfladderende hormonen. En nu ben jij ook al bijna toe aan die stap.

Maar het is wel een stap. Van klein en vertrouwd naar groot en nieuw. Van leerkrachten die jou kennen en die ook je bijzonderheden kennen, naar docenten die je nog niet kennen en die je maar weinig uur in de week zien en je daardoor ook niet snel leren kennen. Van een klein team dat volledig op de hoogte is van je hartaandoening en waar ze op moeten letten, naar een groot docententeam dat jouw hartaandoening niet kent.

Dilemma’s voor ons als ouders. De puberteit en je middelbare schoolperiode zijn bij uitstek de periode om los te gaan komen van ons. Dat is wat bij opgroeien hoort. Maar is lastig voor jou. Omdat je graag zo dicht mogelijk bij ons blijft.

En in hoeverre gaan wij (ga ik) de controle loslaten? Jij, die niet graag over je hartaandoening praat en ik, die graag wil dat zoveel mogelijk mensen weten wat je aan je hart mankeert. Loslaten is al een stap als je kinderen opgroeien, maar bij jou nog net iets meer. Want het is toch belangrijk dat mensen weten dat je een bloedverdunner gebruikt, het is toch handig als mensen weten dat ze je niet moeten pushen omdat jij zelf je grens aangeeft bij de gym bijvoorbeeld.

Zoveel vragen waar we nog geen antwoord op hebben. Hoe gaat het als je langere dagen op school zit? Hoe gaat het als je veel huiswerk moet maken? Hoe gaat het als je misschien verder moet fietsen? Hoe gaat het als je binnen school langere afstanden moet afleggen van het ene lokaal naar het andere? Allemaal vragen waar we uiteraard geen antwoord op hebben en waar we gewoon achter moeten gaan komen.

Vóór de open dagen waren mijn vraagtekens nog groter. Je durft nu nauwelijks alleen te fietsen naar school, terwijl je de route kent en al jaren fietst. Je durft vreemden niet aan te kijken en geen antwoord te geven. Je hebt twee goede vrienden met wie je speelt, maar verder speel je bij niemand thuis. En dat riep bij mij wel eens de vraag op: hoe moet dat straks?

Maar ik zie, naast de spanning, je ogen toch glimmen bij het vak Chinees. Ik zie je na enige aarzeling meegaan met de docent techniek als je daar iets mag maken. Na enige schrik doe je de veiligheidsbril op bij de machine. Ik zie je enthousiast meedoen met het raadsel in het wiskundelokaal. Ik hoor hoe je, na eerst te mompelen, antwoord geeft op de vraag van de wiskundedocent die graag wil weten hoe jij de reeksen zo snel hebt opgelost. Ik hoor je zeggen, terwijl mijn oren ervan gaan klapperen: “Mama, als ik naar een nieuwe school ga, kan ik ook nieuwe vrienden maken.”

Ja, het is spannend. En ja, dat hart geeft het allemaal een extra dimensie. Maar we hebben nog anderhalf jaar. Transitie, het is een proces. En daar zijn we lekker mee bezig.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.